• Zoeken

Behandeling met medicijnen

Verschillende medicijnen

Bij de behandeling van schizofrenie stellen behandelaars meestal voor om medicijnen te gebruiken. Antipsychotische medicijnen werken bij de meerderheid van de mensen met schizofrenie: medicijnen verminderen tenminste een belangrijk deel van de symptomen. Vaak gebruiken mensen naast de antipsychotica ook andere middelen, zoals kalmerende medicijnen, medicijnen tegen depressie of medicijnen tegen stemmingswisselingen. Ook schrijven behandelaars medicijnen tegen de bijwerkingen voor. Een behandeling zonder medicijnen is soms mogelijk maar dit soort behandelingen is nog weinig onderzocht. Daarbij komt dat de behandelmogelijkheden, die in plaats komen van de medicijnen, in Nederland nog te weinig beschikbaar zijn.

Er zijn twee groepen antipsychotische medicijnen: Klassieke antipsychotica en atypische antipsychotica.

Hieronder staat een lijst met veel gebruikte medicijnen. De medicijnen staan vermeld als stofnaam, wanneer u ze aanklikt, vindt u op apotheek.nl de merknaam en meer gedetailleerde informatie over de werking en bijwerkingen en dergelijke.

Klassieke antipsychotica:        Moderne antipsychotica:  
Broomperidol Aripiprazol
Chloorpromazine Clozapine 
Chloorprotixeen Olanzapine
Flufenazine Paliperidon (niet op apotheek.nl) 
Flupentixol Quetiapine
Fluspirileen Risperidon
Haloperidol Sertindol (niet op apotheek.nl) 
Penfluridol Sulpiride
Perfenazine  
Periciazine  
Pimozide  
Zuclopentixol  

Antipsychotica kunnen verschillen in hun werking. De effecten van de medicijnen verschillen in:

  • het effect op de positieve symptomen
  • het effect op de negatieve symptomen
  • het effect op depressieve symptomen
  • hoe ze verdragen worden (bijwerkingen)

Het is belangrijk dat u met uw behandelaar hierover spreekt. Als u dat niet kunt omdat u psychotisch bent, is het belangrijk dat uw naasten dat doen. De behandelaar kan uitleggen waarom hij een bepaald medicijn wil voorschrijven en welke bijwerkingen dat middel kan hebben.

Toedieningsvormen

Medicijnen kunnen op veel verschillende manieren gebruikt worden.

  • (smelt)tabletten die iemand één of meerdere keren op een dag inneemt
  • tabletten die iemand één keer per week inneemt
  • drank en druppels die iemand één of meerdere keren per dag inneemt
  • medicijnen die één keer per week als injectie in een spier gegeven worden (een depot)
  • medicijnen die eens in de twee tot vier weken als injectie gegeven worden (een depot)
  • medicijnen die in de vorm van een zetpil in te brengen zijn

De meest gebruikelijke toedieningsvorm is tabletten. Het is soms goed om met uw behandelaar over de toedieningsvorm te praten. Sommige mensen kost het veel moeite om regelmatig tabletten in te nemen, voor hen kan één keer in de week slikken of een depot een oplossing zijn.

Medicatie en etniciteit

Het lijkt er op dat er etnische verschillen zijn in hoeveelheid medicijnen (de dosis) die mensen moeten gebruiken. Mensen met een Aziatische en Latijns-Amerikaanse achtergrond hebben een minder hoge dosis van een medicijn nodig dan mensen met een Kaukasische (blanke) of Afro-Amerikaanse achtergrond. Wetenschapper s weten nog niet zeker of deze verschillen er zijn. Als u denkt dat dit voor u belangrijk is, kunt u dit met uw hulpverlener of apotheker bespreken.

Starten met medicijnen

Meestal schrijft de psychiater de medicijnen voor. Dat gaat in overleg met u. Het kost vaak moeite en veel tijd om de medicijnen te vinden die bij u passen. Iedereen reageert anders op medicijnen. Soms is het nodig om na een tijd een ander medicijn te gaan proberen omdat het eerste medicijn niet voldoende werkt of te veel bijwerkingen geeft. Het kost ook tijd om de goede dosis te vinden. Als u met een nieuw medicijn begint, maakt de psychiater een opbouwschema. U begint met een lage dosering en de dosering wordt steeds iets hoger. Samen met de psychiater kijkt u hoe het medicijn werkt. Het effect van antipsychotica kunt u meestal pas na drie tot zes weken merken.
U praat zelf met uw hulpverlener over uw medicijnen. Uw naasten kunnen hierbij ook belangrijk zijn. Zij zien veranderingen die u zelf niet ziet: wordt u minder psychotisch en hoe gaat het met de bijwerkingen. Soms merken de naasten eerder dat er iets verandert dan degene die de medicijnen gebruikt.

Het is belangrijk dat u weet wat de werking van de medicijnen is. En dat u weet; wanneer u effect kunt verwachten, hoe vaak u de medicijnen moet gebruiken, wat u moet doen als u er één vergeet en welke bijwerkingen u kunt krijgen. De behandelaar hoort u hierover uitgebreid te informeren en u kunt altijd om informatie vragen. Dat geldt ook voor uw naasten: als zij goede informatie krijgen kunnen zij u beter ondersteunen.

Bijwerkingen

Antipsychotica hebben bijwerkingen die vervelend kunnen zijn. Er zijn grote verschillen in bijwerkingen tussen de verschillende antipsychotica. De klassieke antipsychotica (vooral haloperidol) kunnen op de langere termijn bewegingsstoornissen geven, bijvoorbeeld spiertrekkingen in armen of benen. Een paar klassieke antipsychotica maar vooral de atypische antipsychotica staan bekend om de bijwerking gewichtstoename. Veel bijwerkingen komen zowel bij de klassieke antipsychotica als bij de moderne antipsychotica voor:

  • sufheid en slaperigheid: dit is vooral bij het begin van de behandeling of wanneer iemand meer medicijnen gaat slikken (hogere dosis). Belangrijk is hier rekening mee te houden bijvoorbeeld bij het autorijden.
  • gewichtstoename: dit komt vaak voor en kan komen doordat iemand meer trek heeft. Het kan ook komen doordat het medicijn de vet- en suikerstofwisseling verandert.
  • bewegingsstoornissen: dit komt vaak voor. Het gaat dan om plotselinge spiertrekkingen, trillende handen en benen, stijve spieren, bewegingsdrang en vreemde bewegingen met tong, mond, gezicht, romp of armen en benen.
  • een leeg gevoel: iemand heeft minder emoties en heeft het gevoel in zichzelf opgesloten te zijn
  • seksuele problemen: mannen kunnen moeilijker een erectie krijgen en/of het kan langer duren voor ze klaar komen. Soms krijgen ze geen zaadlozing bij het klaarkomen. Vrouwen kunnen last hebben van een droge vagina en/of ze kunnen niet of moeilijker klaarkomen. Er kan wat melk uit de tepels komen en de menstruatiecyclus kan ontregeld raken
  • het maligne neuroleptica syndroom: een zeldzame maar ernstige bijwerking die dodelijk kan zijn wanneer er niet snel ingegrepen wordt. Iemand kan last hebben van koorts, zeer stijve spieren, sufheid, hartkloppingen en extreem zweten. Iemand moet in dit geval snel naar de eerste hulp van een ziekenhuis.

Sommige bijwerkingen zijn tijdelijk, sommige bijwerkingen zijn blijvend. Bespreek uw bijwerkingen met uw behandelaar. Wacht hier niet te lang mee. Vaak zijn er oplossingen te bedenken waardoor uw klachten verminderen: bijvoorbeeld door een lagere dosering of een ander medicijn te gebruiken.

Antipsychotische medicijnen blijven gebruiken

Veel mensen hebben moeite met het (blijven) gebruiken van medicijnen. Mensen die antipsychotica slikken moeten dat over het algemeen een lange tijd blijven doen. Dit gaat vaak niet goed. Sommige mensen stoppen met antipsychotica door de bijwerkingen. Andere mensen stoppen omdat ze denken zonder medicijnen te kunnen. Sommige mensen lukt het niet om de medicijnen regelmatig in te nemen omdat ze dat moeilijk zelf kunnen organiseren. Ze denken er niet op het juiste moment aan.
Veel naasten helpen hun familielid bij het regelmatig innemen van de medicijnen. Sommige mensen blijven stabiel omdat hun naasten er op letten dat ze de medicijnen gebruiken. Voor de naasten heeft het medicijngebruik van hun familielid ook gevolgen. Ze zien dat iemand bijwerkingen heeft en kunnen er moeite mee hebben wanneer iemand suf wordt. Ze weten aan de andere kant dat die medicijnen een nieuwe psychose kunnen voorkomen of de klachten minder kunnen maken.

Stoppen met medicijnen

Stoppen met medicijnen of ze niet op de juiste manier innemen, kan grote gevolgen hebben:

  • een nieuwe psychose en de kans dat u meer ernstige klachten houdt
  • opname
  • slechter contacten met de mensen om u heen
  • verlies van werk

Overleg altijd met uw behandelaar over stoppen met medicijnen. Plotseling stoppen kan hevige lichamelijke reacties veroorzaken en kan gevaarlijk zijn.

Voor de naasten kan het moeilijk zijn, wanneer hun familielid stopt of wil stoppen met medicijnen. Zij maken zich zorgen en zijn bang dat iemand weer psychotisch wordt. Dit geeft spanningen tussen de naasten en hun familielid met schizofrenie. Wanneer u als naaste contact heeft met de behandelaar, kunt u bespreken hoe u hier mee om kunt gaan. Ook kunt u hierover met lotgenoten spreken, bijvoorbeeld via Ypsilon.

atypische antipsychotica

Ook moderne- of tweede generatie antipsychotica genoemd


Medicijnen regelmatig innemen

Mijn broer slikt zijn medicijnen elke dag, dankzij mijn moeder. Hij eet elke dag bij haar en dan let mijn moeder erop dat hij ze inneemt


Citaat Medicijnen

Effect: "Het houdt je rustig en dat vind ik ook niet erg want het is ook prettig om je wat rustiger te voelen".

Deze website maakt gebruik van cookies. Wilt u meer informatie over cookies en welke worden opgeslagen? Lees de cookieverklaring. Niet meer tonen.